Meer genieten van betere wijn met wijnschrijver Bruno Vanspauwen

Uit het archief van de wijnschrijver

gerijpte artikels, columns, verhalen, reportages

Weer een wonderjaar in Bordeaux?

Zo werd het alvast vanuit Bordeaux rondgebazuind: na 2000 zou ook 2005 een wonderjaar worden. Is dat zo?

 

Het moet gezegd: zelden zijn de klimatologische omstandigheden in Bordeaux zo ideaal geweest als in 2005. Vanaf de maand mei bleef de zon schijnen tot oktober, zonder dat de regen het feest kwam bederven. En ook zonder hittegolf zoals in 2003. Toen waren de temperaturen in juli en augustus zo extreem dat de rijping van de druiven zelfs stilviel. Dat gebeurde in 2005 niet: de temperaturen waren weliswaar hoger dan gemiddeld, en de regenval beduidend minder dan gemiddeld, maar nooit werd de rijping in gevaar gebracht. Integendeel, ze verliep gestadig, zonder onderbreking van de bloei tot de oogst, in combinatie met frisse nachten, wat goed is voor het behoud van de fraîcheur in de wijnen.

Het resultaat was een loepzuivere oogst, met druiven die blaakten van gezondheid: geen ziektes, geen schimmels, geen sporen van rotting. Velen hadden dit in Bordeaux nog nooit meegemaakt, op sommige domeinen opperde men zelfs dat het eigenlijk overbodig was om de druiven te selecteren. De rijpheid was eveneens perfect, zowel van de vroegrijpende merlot als van de laatrijpende cabernet sauvignon. Van vegetale aroma's en onrijpe bitterheid zou geen sprake zijn. Voor de witte en zoete wijnen waren de verwachtingen al even positief.

Het potentieel alcoholgehalte lag wel hoog: soms tot meer dan 14 graden voor sommige merlots. De oenologische analyses wezen desondanks op een mooi evenwicht met zuren en tannines. Dat wil zeggen dat, ondanks het hoge alcoholgehalte dat aanleiding kan geven tot zware wijnen, de levendigheid en frisheid toch behouden zouden blijven. Heel wat domeinen namen trouwens het zekere voor het onzekere, en verwerkten de druivenloten met het hoogste alcoholpotentieel in hun tweede en derde wijnen.

Belangrijk is ook de "fenolische rijpheid" van aroma's en tannines. Die was eveneens optimaal, wat in de wijn leidt tot een grote aromatische expressie en diepte, en een aangenaam smakelijke bitterheid (omdat de tannines – zoals men in Frankrijk zegt – "savoureux" zijn).
De vergelijkingen met andere historische jaargangen waren niet van de lucht: 1945, 1961, 2000 ...  Of nee, zelfs beter, zoals velen met gretigheid beweerden.

Welaan, dat wilde ik ter plekke wel eens gaan verifiëren. En dus begaf ik mij begin april 2006 naar Bordeaux, waar de verzamelde wereldpers jaarlijks samenkomt om de nieuwe oogst "en primeur" te beoordelen. Daar moest ik vaststellen dat Bordeaux voor één keer het jaar niet positiever had voorgesteld dan het in werkelijkheid is: 2005 is zonder meer subliem, zelfs beter dan 2000. De wijnen zijn vlezig, rond, sappig en mondvullend (zoals in 2000), maar daarenboven elegant, met veel fijn en fris fruit, een grote aromatische precisie en een gracieuze structuur. Terwijl het proeven van piepjonge bordeauxwijnen meestal een beproeving is voor verhemelte en smaakpapillen, kon ik er deze keer van genieten. De wijnen zullen dus snel drinkbaar zijn, maar bieden tegelijk – dank zij hun hoge gehalte aan zuren en tannines – een groot bewaarpotentieel.

Van zo'n wonderjaar wordt natuurlijk geprofiteerd om de prijzen de hoogte in te jagen, en dat werd voor vele wijnliefhebbers een serieuze afknapper. De meest krankzinnige stijgingspercentages werden opgetekend, althans voor de grote kastelen uit de grote appellaties. Onthoud daarom dat 2005 ook in de minder bekende (en minder dure) appellaties van Bordeaux een schitterend jaar is. Maar ook andere wijnstreken in Frankrijk maakten in 2005 een uitzonderlijke oogst mee. Zo was het lang geleden dat de Loirestreek nog eens zo'n formidabel jaar heeft gekend: de wijnen, zelfs in de laagste prijssegmenten, zijn rijp, sappig en evenwichtig. Ook Beaujolais kende een uitzonderlijk millésime: de gamay toont zich van haar meest verrukkelijke zijde. Tegen prijzen die merkelijk lager liggen dan in Bordeaux, kan je dus ook in andere Franse wijnstreken terecht voor een genereuze portie wijngenot.

Bordeaux 2005: toch zijn er verschillen

Het is niet omdat de klimatologische condities ideaal zijn, dat er geen verschillen meer zouden zijn tussen de wijnen van de afzonderlijke domeinen. Integendeel, de verschillen tussen de terroirs manifesteren zich in 2005 juist heel duidelijk. De wijngaarden met de meest begunstigde ligging bewijzen voluit dat ze hun reputatie niet voor niets gekregen hebben. En de verschillende appellaties tonen duidelijk dat de specifieke eigenschappen die aan hen worden toegeschreven, geen fictie zijn. 

Ook het tijdstip van de oogst heeft verschillen gecreëerd. Niemand moest schrik hebben van regen, dus kon men wachten tot het "optimale moment". Maar welk moment is dat precies? Daar bestaat geen eenduidig antwoord op. Sommige oenologen verkiezen wat vroeger te oogsten om geen overrijpheid te riskeren, anderen wachten liever omdat ze het andere risico – vegetale onrijpe aroma's – nog erger vinden. Er zijn domeinen die al rond 7 september de oogst hebben aangevat, anderen hebben tot half september gewacht, nog anderen haalden de druiven pas eind september binnen.

Een perfecte oogst garandeert bovendien nog geen perfecte vinificatie: de wijnmaker moet nog altijd cruciale beslissingen nemen. Zo bleken de druiven met hun hoge alcoholpotentieel soms traag en moeilijk te gisten, met zelfs het risico dat niet alle suikers vergist raakten (waardoor restsuiker achterblijft en de wijn zoet en zwoel wordt). De verleiding was ook groot om zo'n optimaal rijpe oogst uitbundig te extraheren, wat in sommige gevallen heeft geleid tot onevenwichtige en al te krachtige wijnen zonder voldoende elegantie en finesse.

Vooraf proeven blijft dus de boodschap, zelfs in een wonderjaar. Zo heb ik zelf enige moeite met Saint-Emilion, omwille van de zeer hoge alcoholgehaltes: je waant je soms in Californië. Wie van brede, volumineuze en krachtige wijnen houdt, komt hier aan zijn trekken. Maar zoals elk jaar zijn er uitzonderingen: Angélus, Belair, Berliquet, Canon, Canon-la-Gaffelière, Grand Mayne en Pavie-Macquin slaagden er wel in de alcohol onder controle te houden, en zijn stuk voor stuk grote wijnen.

Buurappellatie Pomerol had kennelijk minder last van de alcohol: ik proefde meesterlijke wijnen van Vieux Château Certan, Petit Village, La Croix de Gay, La Conseillante en Clinet. Onze landgenoot Jacques Thienpont van Le Pin maakte een sublieme, ragfijne wijn, zonder één spoor van overextractie: het terroir in al zijn puurheid.

Op de andere oever van de Gironde viel Saint-Julien op. Alle wijnen beoordeelde ik van positief tot schitterend: Beychevelle, Branaire-Ducru, Gruaud-Larose (magnifiek), Lagrange (wat een finesse en klasse), Langoa-Barton, Léoville-Barton, Léoville-Poyferré (groots), Talbot.

In Margaux – traditioneel gekend als het terroir van finesse – springen volgende parels eruit: Brane-Cantenac, Durfort-Vivens (magnifiek), Du Tertre, Giscours, Labégorce, Prieuré-Lichine, Siran (precies en verfijnd).

In Pauillac – de combinatie tussen kracht en finesse: Batailley, Grand-Puy-Ducasse, Haut-Bages-Libéral (grandioos), Lynch-Bages, Pichon-Longueville, Pontet-Canet, Lafite-Rothschild (peperduur, maar wat een noblesse).

Saint-Estèphe gaat door als de gemeente waar meer robuuste wijnen vandaan komen, maar Cos Labory en vooral Cos d'Estournel vertoonden een opmerkelijke finesse. Ook Moulis en Listrac komen eleganter voor de dag dan hun reputatie aangeeft.