Meer genieten van betere wijn met wijnschrijver Bruno Vanspauwen

Domaine de Trévallon

wijntips

Domaine de Trévallon

Frankrijk , Provence

Vele jaren geleden, in Saint-Rémy-de-Provence, proefde ik voor het eerst een wijn van Domaine du Trévallon: een revelatie. Nooit had ik gedacht dat in deze streek van vakantiewijntjes een dergelijke mooie rode wijn kon gemaakt worden. Ik wilde het domein bijgevolg bezoeken, maar vond geen enkele wegwijzer die er mij naar toe kon leiden. Na lang zoeken kwam ik er aan rond het middaguur, waar ik van een medewerker te horen kreeg dat het domein gesloten was, want: "A midi, monsieur mange." Ik kreeg monsieur Dürrbach dus niet te zien.

Wie was die wijnmaker die zich in deze middelmatige wijnstreek kon permitteren om zijn domein niet kenbaar te maken, en bovendien geen bezoekers wilde ontvangen als het hem niet uitkwam? Van de meeste Provençaalse domeinen zie je al wegwijzers op kilometers afstand, bezoekers worden er met open armen ontvangen. Maar, zo vindt Dürrbach, dat is precies het probleem van de Provençaalse wijnbouw: "Het stikt hier van de toeristen die snel tevreden zijn, dus hoeven de wijnbouwers geen moeite te doen."

Hem ging het alvast voor de wind. Hij kon zijn wijnen steeds duurder verkopen aan steeds meer landen, ondanks het feit dat hij op zeker ogenblik de regels van de appellatie niet meer wilde volgen en het minderwaardige statuut van "vin de pays" verkoos. Het verhoogde nog zijn reputatie van geniaal "enfant terrible". Door de echte wijnliefhebber werd hij op handen gedragen.

Dürrbach komt niet uit een familie van wijnbouwers, zijn ouders waren kunstenaars uit de Elzas, vandaar zijn Duits klinkende naam. Zijn vader, een beeldhouwer, vond dat het klimaat en de sfeer van de Provence zijn creativiteit zouden stimuleren. Hij kocht er in de jaren zestig het Domaine du Trévallon. Zijn zoon Eloi ging naar Parijs wiskunde en architectuur studeren, maar het leven daar beviel hem niet. Zijn vader had altijd gehoopt dat op zijn domein ooit een wijn zou gemaakt worden, en daarom stelde hij hem voor om er te gaan wonen en die wijn te maken. Hij was toen 23.

Maar hij kende er niets van, hij wist niet eens welke druivensoorten te planten. Toevallig las hij iets van de befaamde Jules Guyot, de man naar wie een bepaalde snoei- en geleidingswijze van wijnstokken is genoemd. Die had omstreeks 1830 een grote studie gemaakt over de terroirs van Frankrijk, en hij ontdekte dat in de Provence vooral de mengeling van cabernet sauvignon en syrah tot grote wijnen leidde. Toen kon men daar nog planten wat men wou, er waren geen regels. En zo maakte hij zijn keuze: de helft cabernet en de helft syrah. Dat is nu nog altijd zo.

Dürrbach is een kind van mei '68: hij wilde zijn wijngaard toen al op de meest natuurlijke wijze bewerken. Met de hulp van een wijnbouwer uit de streek begon hij te planten in 1973. Vijf jaar later maakte hij zijn eerste wijn. Hij was de eerste in de Provence die ervan droomde om hier een grote rode wijn te maken.

Toen zijn eerste jaargang uitkwam, werd hij meteen aangekocht door een bekend sterrenrestaurant uit de streek, L'Oustau de Baumanière. Daar komen veel mensen over de vloer die iets van wijn kennen, en op zekere dag belde iemand hem die zijn wijn had geproefd en hem wilde ontmoeten: het bleek Aubert de Villaine te zijn, medeëigenaar van het Domaine de la Romanée-Conti. Hij bracht Dürrbach in contact met de grote Amerikaanse invoerder Kermit Lynch. En eens zijn wijnen in Amerika goede scores kregen van Robert Parker, was de trein voorgoed vertrokken, ook in Europa.

Alles liep dus goed, en toch kreeg Dürrbach het aan de stok met het INAO (het "Institut National des Appellations d' Origine", de staatsinstelling die de appellatieregels vastlegt en controleert). Toen zijn streek, Les Baux de Provence, een aanvaag indiende om een officiële "appellation controlée" te worden, kon dat immers alleen op voorwaarde dat de aanplant van cabernet sauvignon beperkt werd tot 20%. Dürrbach kreeg weliswaar 30 jaar om zich te conformeren aan deze nieuwe regel, maar hij weigerde: hij wilde helemaal geen andere wijn maken. Hij koos voor het statuut van "vin de pays des Bouches du Rhône". Dat was niet zo'n makkelijke beslissing, hij vreesde de commerciële weerslag ervan, maar uiteindelijk heeft het geen invloed gehad op de verkoop, integendeel, hij kreeg er nog meer bekendheid door.

Vanaf 2006 werd een nieuwe landwijn gecreëerd: vin de pays des Alpilles. Vermits Domaine de Trévallon middenin de Alpilles ligt, gebruikt hij vanaf dan die benaming.

De wijn van Domaine du Trévallon is opmerkelijk door zijn lichtheid en finesse, wat hem verschillend maakt van zoveel andere zuiderse wijnen. Dat komt door een mix van factoren. Eerst en vooral ligt de wijngaard op een noordelijke helling. Er wordt zeker een halve maand later geoogst dan in de rest van het gebied, en de nachten zijn frisser. Vandaar dat Dürrbach de alcohol onder controle kan houden en de wijn meer finesse krijgt. Het is er ook vochtiger dan normaal, en de ondergrond van kalk kan dat vocht goed vasthouden. Daarnaast heef hij geen klonen in zijn wijngaard, hij heeft altijd stekken genomen van zijn eigen, best presterende planten. Hij bewerkt zijn wijngaarden biologisch. Het rendement ligt laag, 23 à 25 hectoliter per hectare. Hij ontsteelt niet. Hij gebruikt geen fabrieksgisten. Hij extraheert bijna niet. Hij gebruikt geen kleine vaten van nieuw eikenhout, alleen grote foeders. Hij beperkt het aantal keren dat de wijn wordt overgestoken en laat hem lang op zijn bezinksel liggen. Hij filtert niet. Dat alles samen maakt dat zijn wijn anders is dan de doorsneewijn in deze streek.


Invoerders:
Divine Wines Brussel ( Brussel )
Divine Wines Sint-Martens-Latem ( Sint-Martens-Latem )
Gegevens domein
Domaine de Trévallon