Meer genieten van betere wijn met wijnschrijver Bruno Vanspauwen

Uit het archief van de wijnschrijver

gerijpte artikels, columns, verhalen, reportages

Twee vrouwen

Zelfs tijdens de oogst straalt Château Haut-Bailly rust en waardigheid uit. De opritten en verharde paden blijven er smetteloos bij liggen. Het gras wordt kort gehouden. Geen sprietje onkruid te bekennen. Het kasteel en de bijgebouwen staan majestueus temidden van de omliggende wijngaarden. Ze werden grondig gerenoveerd en worden nauwgezet onderhouden. Hier is kapitaal voorhanden: Château Haut-Bailly werd in 1998 gekocht door een rijke Amerikaanse bankier, Robert Wilmers. Hij vertrouwde de leiding toe aan Véronique Sanders, kleindochter van de verkopende eigenaar. Aan haar is evenmin te zien dat de oogst bezig is. Ze superviseert maar is er volkomen gerust in dat haar bekwame wijnmaker en zijn medewerkers alles onder controle hebben. Onberispelijk en modieus gekleed, zoals altijd, ontvangt ze met stijl een invoerder uit de Filippijnen. Ze nodigt hem uit voor een lunch op het kasteel. Die wordt bereid door haar vaste kok, een jongeman die in sterrenzaken heeft gewerkt en een groot talent is. Een tractor komt aangereden met druiven in de laadbak. Ze worden zorgvuldig getrieerd door vele mensenhanden. Onrijpe, beschimmelde en beschadigde exemplaren gaan eruit. De rest wordt voorzichtig naar de gistkuip gebracht. Hier wordt geïnvesteerd in tijd en middelen om de oogst met uiterste zachtheid te behandelen, in èlk stadium van de vinificatie. Dat weerspiegelt zich in de wijn. Haut-Bailly is vandaag zonder meer een van de allerbeste wijnen van Bordeaux: zuiver, evenwichtig, fijn, fluwelig, intens, complex. De 2009 is magisch. In primeur kost hij om en bij de 85 € per fles. Nu te betalen, levering eind 2011.

Van Château Haut-Bailly naar Château Lusseau is het maar 12 kilometer. Maar je belandt in een andere wereld. Het verwaarloosde, deels vervallen gebouw kan je bezwaarlijk een "kasteel" noemen. Het gras is niet gemaaid, het onkruid tiert welig. Bérèngere Quellien, de sympathieke jonge eigenares, ontvangt mij in laarzen, jeans

en pullover, haar lange haren in een paardenstaart. Haar wijnstokken staan niet op glooiende hellingen zoals die van Haut-Bailly, maar in een vlakte. Dat maakt een groot verschil in zonexpositie en afwatering. Een tractor komt aangereden met de druiven. Bérengère springt in de laadbak en helpt uitladen. Triëren is duur, dus gaan alle druiven de ontsteelmachine in. Vervolgens worden ze met een pomp door een buis naar de gistkuip gesluisd. Bérengère oogst mee, vinifieert, reist naar exportlanden, bereidt verzendingen voor, ontvangt bezoekers. Toch zullen haar wijnen zich nooit kunnen meten met die van Haut-Bailly. Daarom kosten ze ook tien keer minder. En voor die prijs levert Bérengère meer dan verdienstelijk werk af.

Haut-Bailly en Lusseau liggen beide in de Bordelese wijnregio Graves. Maar Haut-Bailly bevindt zich in een kleine enclave daarvan, Pessac-Léognan. In 1987 scheidde dit gedeelte zich af, omdat het terroir zoveel beter is. Net zoals in Haut-Médoc en Saint-Emilion werd een topklasse gecreëerd, de "crus classés". Die wijnen werden alsmaar beter en duurder. De domeinen werden gekocht door alsmaar rijkere mensen. De voorsprong op de bredere Graves-regio werd steeds groter.

Toch proberen domeinen in de Graves hun rijke collega's te imiteren, door hun wijnen ook te concentreren en te laten rijpen op nieuw eikenhout. Maar de druiven van hier kunnen dat niet aan. Het levert houtsmaak en bitterheid op. Bérengère heeft dat begrepen: haar nieuwe cuvée bevat alleen de soepele merlotdruif en heeft geen hout gezien. Hij is goedkoper èn beter dan de houtgelagerde versie. Bérengère toont de weg die in haar regio bewandeld moet worden.

Hoe verschillend hun wereld ook is, Véronique en Bérengère hebben één eigenschap gemeen: ze zijn gepassioneerd door wijn.