Meer genieten van betere wijn met wijnschrijver Bruno Vanspauwen

Uit het archief van de wijnschrijver

gerijpte artikels, columns, verhalen, reportages

Naaktplukken

Niet alle wijnbouwers beantwoorden aan het prototype dat ons in de traditionele wijnliteratuur wordt voorgeschoteld: het wijnboertje dat met artisanale middelen in een kelder vol spinrag de heerlijkste wijnen maakt. Steeds vaker kom je wijnbouwers tegen die eigenlijk wijnondernemers zijn, zakenlui die een neus hebben voor markten die het goed doen. En de wijnmarkt is zo'n stijgende markt. Ze rijden in auto's van blitse merken, dragen hemden van Ralph Lauren en zetten hun zonnebril van Calvin Klein op als ze je rondleiden door hun wijngaard. In de hal naar hun wijnkelder staan golfsticks. Een wijnstok hebben ze nooit gesnoeid, een druif plukken ze alleen als er een camera in de buurt is, en voor het maken van de wijn werven ze een afgestudeerde oenoloog aan.

Op zich is daar niets fout mee. Waarom zou een ondernemer, die een bekwame en gemotiveerde equipe rond zich verenigt, geen goede wijn kunnen afleveren? Je mag dat ambachtelijke wijnboertje ook niet idealiseren: er zijn er die hun kelder niet proper houden, en onder het mom van authenticiteit hun wijn opzadelen met kwalijke aroma's. Maar zeker in Europa zijn we het nog niet gewoon om wijnmaken als business te zien. Liever associëren we het met cultuur en levenskunst.

De onverbloemd zakelijke aanpak van wijn is twintig jaar geleden ontstaan in de Nieuwe Wereld. Toen brak de wereldmarkt open en bleken deze niet-Europese wijnlanden verrassend goed aan te slaan. Heel wat ondernemers wilden een graantje meepikken van de hype. Ik kwam in die landen toen eigenaars van wijndomeinen tegen die mijn traditionele beeld van de wijnbouwer helemaal overhoop gooiden.

Zo belandde ik in Nieuw-Zeeland op Waiheke Island, een nogal mondain vluchtoord voor wie aan het drukke Auckland wil ontsnappen. Hier verblijven veelal mensen die rijk zijn geworden in een andere business, en voor wie het bezit van een wijndomein een leuk tijdverdrijf en/of statussymbool is. Bovendien leent het klimaat zich hier tot het maken van wijnen in de Bordelese stijl, met dezelfde druiven. Wat heb je meer nodig voor internationaal succes?

Mijn research vooraf had mij geleerd dat de absolute topwijn van dit eiland te vinden zou zijn bij Stonyridge Vineyards. De eigenaar bleek een voormalig zeiler te zijn, Stephen White, die weliswaar op wijndomeinen in Toscane en Bordeaux had gewerkt, maar nog altijd meer weg had van een sportvedette dan van een wijnmaker: zongebruind, zwarte Ray-Ban op de neus, modieuze haarsnit, gespierde armen onder het strakke t-shirt.

"Winemakers are boring", zei hij bij wijze van inleiding. In zijn bedrijf hing een grote foto van drie naakte vrouwen in een wijnpers, terwijl hijzelf op de voorgrond naar een fles wijn tuurde. Naast zijn wijngaard baatte hij een "groovy & funky café" uit, met fusion cuisine en bloedmooie diensters. Voor Stephen White was er nog iets anders in het leven dan wijn, zoveel was duidelijk.

Toch was zijn reputatie als wijnmaker groot. Zijn topwijn, Stonyridge Larose, werd alom geroemd als beste Bordeauxblend in Nieuw-Zeeland. Sommige wijnschrijvers plaatsten hem zelfs in de top 100 van beste "Bordeaux-style wines" en beweerden dat hij de concurrentie met de grands crus classés van Bordeaux moeiteloos aankon. Er waren dan ook wachtlijsten van wijnliefhebbers die zijn wijn per se wilden kopen. Het scheen Stephen White niet buitenmatig te beroeren. Daarentegen vertoonde hij wel een meer dan gewone interesse voor de wijnschrijfster uit Chicago, die er op hetzelfde ogenblik was als ik. Onder de voortdurend schalkse opmerkingen van White deed zij bijzonder veel moeite om professioneel te blijven, en ze stelde een heleboel technische vragen om te weten te komen waarom Stonyridge Larose zulke grote reputatie had verworven. Op andere wijndomeinen zou je dan een omstandige uitleg krijgen over terroir, snoeiwijzen, rendementen, selectie van druiven en kwaliteiten van eikenhout. Niet bij Stephen White. Hij boog zich samenzweerderig voorover en fluisterde in haar oor, net voldoende luid zodat ik het ook kon horen: "Wij plukken onze druiven naakt."

Vandaag moet je voor een fles Stonyridge Larose om en bij de 100 euro neertellen. Niet slecht geboerd voor een naaktplukker.