Meer genieten van betere wijn met wijnschrijver Bruno Vanspauwen

Uit het archief van de wijnschrijver

gerijpte artikels, columns, verhalen, reportages

Jong, Vlaams en wijnmaakster in Bordeaux

Ze is afkomstig uit Hasselt, en leidt een wijndomein in Bordeaux: Carmen Onclin.

Ze is afgestudeerd aan de wijnbouwhogeschool van Bordeaux en ze heeft het ontzettend druk: zo is dat in de oogstperiode. 's Morgens vòòr zeven uur opstaan (de plukkers zijn er al), en 's avonds pas na middernacht gaan slapen (de hele wijnkelder en alle machines worden elke dag schoongemaakt).
Maar Carmen Onclin wil overal bij zijn, zo snel mogelijk alles leren. Ze leidt immers, samen met haar man die oenoloog is, een wijndomein van 12 hectare: Château Branas Grand Poujeaux in Moulis, een van de topgemeenten in Médoc.

Voor een jonge vrouw van Vlaamse afkomst moet het niet altijd evident zijn om je in de oude, gesloten Bordelese mannenwereld te laten gelden.
"Dat is zo", zegt ze, "Maar ik moet toegeven dat mijn familienaam helpt."
Carmen is de dochter van de Limburger Justin Onclin, mede-eigenaar van het beroemde Château Prieuré-Lichine in Margaux, eigenaar van Château Villemaurine in Saint-Emilion, èn eigenaar van een van de belangrijkste handelshuizen in Bordeaux.

De naam Onclin betekent hier dus wel iets: "Mijn vader zit al meer dan dertig jaar in de Bordelese wijnbusiness, wijn werd mij thuis met de paplepel ingegeven. Ik ging vaak mee naar Bordeaux, en de sfeer beviel mij daar. Ik studeerde toen nog in Brussel voor vertaler-tolk, en in de vakantieperiode nam ik deel aan de oogst, ik weet dus hoe zwaar dat werk is. Eigenlijk wist ik al vroeg dat ik niet in België wou blijven. Maar in welk onderdeel van de wijnsector ik terecht wou komen, dat wist ik niet."

De déclic kwam er in 2004, toen Carmen voor de eerste keer deelnam aan het maken van de wijn op Branas Grand Poujeaux, het domein dat haar vader twee jaar daarvòòr had aangekocht: "Toen voelde ik meteen: dit is wat ik wil doen. Een product dat zoveel mensen plezier doet, waar zoveel mensen graag over spreken, het geeft een bijzondere voldoening om zo'n product zelf te maken. Ik geniet ook van het contact met de natuur, het volgen van de groei en bloei van de wijnstokken, en van de rijping van de druiven."

Ze besloot om een opleiding te volgen in Bordeaux, en sindsdien is ze hier niet meer weg te slaan.
"De vorige eigenaar van Branas Grand Poujeaux was een oude Franse wijnbouwer", vertelt Carmen, "Die had de wijngaard altijd heel goed verzorgd, zodat we meteen konden starten met druiven van prima kwaliteit. De wijnkelder verkeerde echter in een belabberde staat, en die hebben we dan ook volledig vernieuwd, samen met de restauratie van het hele gebouw."Zelf drinkt Carmen graag Margaux, omwille van de finesse en elegantie (Margaux wordt niet voor niets een "vrouwelijke" wijn genoemd). Moulis, de gemeente waarin Branas Grand Poujeaux gelegen is, heeft de reputatie wat robuustere wijnen voort te brengen. "Maar", zo zegt Carmen, "we compenseren dat door onder meer vrij veel merlot te gebruiken, tot 50%, wat meer rondheid aan de wijn geeft. Daarnaast zorgen we voor een zachte extractie van de druivenmassa, èn voor een koude inweking van de druiven vòòr de gisting, om zoveel mogelijk fruitigheid te bekomen. We willen een wijn die de kenmerken van een Moulis combineert met fruit, fraîcheur en finesse."

Frankrijk gaat gebukt onder een wijncrisis, de concurrentie uit andere landen wordt alsmaar sterker, wijngaarden worden gerooid met subsidies van de overheid, de gevaren van alcohol worden alom gemediatiseerd: wat denkt zij van de problemen in de Franse wijnsector?

"In het topsegment van Bordeaux voelen we de crisis eigenlijk niet", zegt ze, "Het zijn de kleine wijnboeren in de minder bekende appellaties die eronder lijden. Maar we moeten waakzaam zijn. Zo houd ik mijn hart vast als ik zie welke astronomische prijzen op sommige kastelen gevraagd worden in een topjaar als 2005. Echte liefhebbers van bordeauxwijnen riskeren dan af te haken, en nooit meer terug te komen. En de superrijken die deze topprijzen wèl willen en kunnen betalen, kopen het volgende jaar misschien niet meer, omdat ze alleen topjaren willen. Wij doen daar niet aan mee: onze jaargang 2005 steeg met amper 15% ten opzichte van 2004. Omdat wij een trouw cliënteel willen opbouwen, eerder dan als een jojo op en neer te gaan met de markt."
Carmen ziet Bordeaux ook stilaan verjongen en vervrouwelijken, ze voelt zich hier dus goed op haar plaats: "Aan de wijnuniversiteit van Bordeaux studeren nu evenveel vrouwelijke als mannelijke oenologen af. Als wij stagiairs zoeken, zijn de meeste cv's afkomstig van meisjes. Je ziet ook dat er steeds meer jonge vrouwen aan het hoofd van een wijnkasteel komen te staan, de vaders denken niet meer automatisch aan een zoon als opvolger. Het verandert heel snel. Dat vind ik positief voor de streek: vrouwen ruiken en proeven goed, nietwaar? Er is ook een club van jonge wijnmakers in Bordeaux, kinderen van eigenaars en afgestudeerden, die regelmatig bijeenkomen voor degustaties en die vastbesloten zijn het wat bestofte imago van Bordeaux te veranderen. Dat is nodig: Bordeaux moet opnieuw aantrekkelijk worden voor jonge mensen."

Wat doet Carmen als de oogst voorbij is?
Je zou verwachten dat ze dan meer tijd in België doorbrengt, maar dat is niet zo: "Herfst en winter zijn weliswaar kalmere seizoenen, maar toch is er veel werk. Je moet regelmatig stalen nemen uit de vaten om ze te laten analyseren, er is de bâtonnage (het oproeren van de gistresten in de wijn voor meer aromatische expressie, nvda), je moet de vaten voortdurend bijvullen zodat er geen oxidatie optreedt, het algemene onderhoud van de installaties vraagt zorg en tijd, er zijn de verkoopcontacten en de aanwezigheid op beurzen, in januari begint de snoei al, en half april staat de wereldpers hier om de wijn van de voorbije oogst te proeven, wat veel voorbereiding vraagt. Die afwisseling gedurende het hele jaar bevalt mij, en elk jaar is ook weer anders, omdat de natuurlijke omstandigheden anders zijn. Wijn is een verhaal dat nooit stopt. Eigenlijk kan ik maar om de zes weken enkele dagen in België zijn. Maar ook dat vind ik belangrijk. Ik wil mijn familie en vrienden regelmatig zien, het zorgt voor een goed evenwicht met de specifieke wereld van Bordeaux. Maar helemaal terug naar België, nee, dat wil ik niet. Ik kan Bordeaux niet meer missen."